
Vorige week woensdag heb ik het debat in de bibliotheek van Nijkerk tussen de lijsttrekkers van de diverse partijen aanschouwd. De rode draad van het debat was de ruim 4 miljoen euro die de gemeente Nijkerk in de komende collegeperiode moet bezuinigen.
De lijsttrekkers lieten niet het achterste van hun tong zien omdat “veel nog onduidelijk zou zijn vanuit het Rijk”(lees: politiek Den Haag). Een andere reden dat de politieke kaarten tegen de borst werden gehouden: wisselgeld voor eventuele collegeonderhandelingen.
Persoonlijk vond ik het verloop en de toon van het debat onsamenhangend en vaag.
Inwoners die hadden gehoopt inzicht te krijgen over waar de diverse partijen die bezuinigen de komende vier jaren denken te realiseren kwamen van een koude kermis thuis. Hans Boer (ChristenUnie- SGP) repte over het afschaffen van schoolzwemmen en sluiting van zwembaden, maar concreter werd het niet. Alle partijen, ook de mijne, kwamen niet veel verder dan bezuinigen zoeken “binnen het ambtelijk apparaat, minder externe krachten c.q. inhuur, minder bureaucratie in zorg en gemeente en geen lastenverhoging”(of slechts als ultimum remedium)
Wie zou dat niet willen hoor ik u denken? Maar prachtige volzinnen vertalen zich niet vanzelf in concreet ingevulde bezuinigen. Als je deze volzinnen eens rustig op een rijtje zet dan kun je rustig spreken van een contradictio in terminis. Een eenvoudig voorbeeld uit een van de verkiezingsprogramma’s maakt veel duidelijk. CDA Nijkerk Hoevelaken zet kortweg vertaald in op “niemand buiten de boot laten vallen, geen belastingverhoging en minder overheid”(lees: minder gemeenteambtenaren). Zelfs Hercules zou zich hier niet aan wagen.
Immers: de gemeente Nijkerk krijgt door de grootschalige decentralisatieoperatie vanuit het Rijk in 2015 de verantwoordelijkheid voor jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen. De twaalf werken van Hercules zijn er niets bij. Het is dus zaak om te zorgen dat de gemeente letterlijk en figuurlijk beschikt over een goed uitgerust ambtenarencorps. Dat betekent juist investeren in menskracht en opleiding. Gebeurt dit niet dan komen er ongetwijfeld (financiële) brokken van en vallen er inwoners uit de boot.
Met als gevolg het invliegen van (dure) externe krachten om de zaak te repareren en eventuele lastenverhogingen. De gemeente is nu eenmaal verplicht om een sluitende begroting te maken. Maar een gemeente is geen multinational! De gemeente moet er primair zijn voor de inwoners. Een gemeentebestuur dat in tijden van krimp juist durft te investeren in de eigen gemeenschap(inwoners, bedrijven, verenigingen) blijft kwalitatief hoogwaardig en aantrekkelijk voor bedrijven, inwoners en toekomstige bewoners. Zo blijf je een robuuste gemeente, die niet teveel afhankelijk is van allerlei grootschalige samenwerkingsverbanden( de bestuurlijke sluipmoordenaar van minister Plasterk voor toekomstige grootschalige gemeentelijke herindelingen!)
Investeren staat voor mij niet gelijk aan potverteren. Een investering is een opoffering in tijd, geld of menskracht (personeel) ten behoeve van een doel dat pas op termijn wordt behaald. Dat doel is op termijn een robuuste en toekomstbestendige gemeente Nijkerk Wellicht betekent dat inderdaad op de korte termijn een (kleine)lastenverhoging voor de inwoners. Aart Klompenhouwer(de Lokale Partij) sprak tijdens het politiek Café ietwat benepen over “dat indien nodig hij desnoods die twee euro wel durft te vragen.” Maar waarom zo benepen Aart? Onze voorouders in de Gouden Eeuw wisten het al: "De cost gaet voor de baet uyt.” Als je als politici met een goed verhaal naar je inwoners gaat en in rond Hollands uitlegt waar het geld aan uitgegeven gaat worden(zwembad, geluidschermen, zorg) ben ik als recht(s)geaarde liberaal best bereid om jaarlijks iets meer Onroerendezaakbelasting (OZB) aan de gemeente te betalen. Ik kan mij niet voorstellen dat ik de enige ben. Want: uiteindelijk investeer je in de kwaliteit van je directe (lees: eigen) leefomgeving.
Werner de Coninck, Lijstduwer VVD Nijkerk Hoevelaken